De zwakste schakel.

Het zal wel heel dom zijn en getuigen van politiek onbenul, maar ik heb het aanvallen van de zwakste schakel altijd gezien als een vorm van morele lafheid. Zolang je de zwakste schakel vertaalt naar structuren en ideologieën valt er misschien nog wel wat voor te zeggen, maar achter alle ideeënwerelden schuilen mensen. Mensen, die de minst sterke schakel vormen in welk systeem dan ook zijn vaak ook de alleraardigste , meest voorkomende, meest invoelende zeg maar gerust de allerliefste. Zo iemand aanvallen zegt iets over je eigen zwakke fatsoensnormen. Om een voorbeeld te geven. Op het oud gymnasium waar ik school ging kreeg ik les in oude talen van meester Banks. Een koosnaam welhaast voor deze buitengewoon zachtaardige man. Zelden heb ik zo een bescheiden mens mee gemaakt. Een dirigent van 7 koren in de stad en kenner van de oude Griekse muziek. Hoe hij al die jaren hij was toen al 63 met ruim 35 jaar voor de klas zijn goede humeur en liefdevolle aandacht voor zijn vak heeft kunnen bewaren mag gezien de wreedheid van pubers zo wie zo een wonder heette. Hij was het type leraar dat door zijn liefde voor het lesmateriaal, die liefde overbracht op zijn leerlingen. Wat mij nog het meest aan deze goede meester herinneren doet was zijn liefde voor zijn allang overleden vader. Als een nooit verloren zoon sprak hij liefdevol over hem en over zijn opvoeding op het Brabantse platteland. Over de armoede, maar ook over de hechtheid van het gezin. Hoe ze er zich samen doorheen sloegen. De hele familie hutje bij mutje legden om zijn studie te bekostigen. Hoe dankbaar hij daar nog steeds voor was. Deze leraar nu werd het mikpunt van de anti autoritaire kabouters. Ik spreek hier  over 1970. Met de tranen over zijn wangen, hulpeloos huilend, werd hij door hun toedoen het klaslokaal uit gepest. Mensonwaardig en meedogenloos zijn de twee woorden die mij nu nog als eerste  te binnen schieten. Ben je dan een held als je het makkelijkste slachtoffer hebt afgemaakt? Toen ik er het volgende lesuur van hoorde moesten ze mij in bedwang houden anders was ik dat andere  klaslokaal ingestormd om de grootste raddraaiers een paar blauwe ogen te meppen. Ik was non agressief tot dat ik echt kwaad werd gemaakt . Dan kwam het voorouderlijk erfdeel van mijn Spaanse grootouders mij als een rood waas voor de ogen . Brak zo wat letterlijk de vechtstier los. Je kunt hoe vreedzaam je ook bent je identiteit nooit helemaal ontkennen noch verloochenen. Zo heb ik het ooit in mijn eentje opgenomen voor onze juffrouw aardrijkskunde. Zij was de eerste vrouw voor de klas op het Sint Nicolaas lyceum en ze was zwart. Of liever ze kwam uit Suriname. Als een troep wolven leek het of de hele klas haar angst rook. Ze leek een makkelijke voor de hand liggende  prooi. Maar ze hadden buiten de waard van mij als oud misdienaar en liefhebber van Maria , de moeder Gods ,gerekend. Ik nam het voor haar op zo nodig met mijn vuisten getraind bij en door Ome Ko . Een boksschool in een zijstraat van de Albert Cuyp tegenover het oude badhuis. Iets wat de hele klas drommels goed  wist. Ik heb er namelijk een bloedhekel aan om de zwakste tot slachtoffer te kiezen. Dat hebben ze mij al te vaak aangedaan in mijn jeugd. Waarin ik mij als kind niet verdedigen kon. Je hoeft geen kwaad met kwaad te vergelden, maar je kunt je er wel tegen wapenen. Je kunt ondanks al je politieke of godsdienstige geschillen altijd wel respect houden voor de aller zachtmoedigen. Zij zijn echt de echte vijand niet.

ludo 10 05 2018