FREEDOM ! SOMETIMES I FEEL LIKE A MOTHERLESS CHILD

In mijn jeugd was het de schuld van je opvoeding, je ouders volgens Freud en daarin vooral je moeder,  of werd er met een beschuldigende vinger naar de maatschappij gewezen. Tegenwoordig is zo een beetje alles je eigen schuld. Vroeger werd er daarom met een wat kritischer oog naar de maatschappij gekeken. Nu word je op je eigen individuele capaciteiten afgerekend. Of je alleen op de wereld bent. Ooit leefde de vraag: hoe kunnen we de samenleving zo verbeteren, dat hij voor iedereen zo leefbaar mogelijk wordt. Tegenwoordig is iedereen druk bezig zijn eigen huis tot een terp tegen het verdrinken in de toekomst te verbouwen

Nog voor 30 jaar geleden werd regelmatig  de vraag gesteld; hoe verheffen we de mensen , die van oudsher minder kansen hebben. De minderbedeelden, met een woord waar de christelijke naastenliefde nog in doorklinkt Daarvoor was een op de toekomst gerichte brede maatschappij visie nodig. Een durven vooruitkijken zonder partij oogkleppen op. Een maatschappelijk ontwerp voor de langere termijn. Een intentie groter in ieder geval als dat van een partijprogramma of wat loze verkiezingsbeloften , die vandaag de dag schering en inslag zijn. Een mate van standvastigheid en samenhorigheid , een wil tot samenwerken, die je nu bij geen partij ,op die van de dieren na, nog tegenkomt. Maar die willen alleen een betere wereld voor de dieren. Die kunnen dus beter de koeien zwemles geven op voorbereid te zijn op de global warming..

Een breed maatschappelijk draagvlak rustend op de schouders  van alle geledingen van de samenleving, maar vooral geïnitieerd  door de mensen aan de onderkant. De teloor gang van het socialistisch gedachtegoed als je daar van mag spreken begon met het verleggen van de industriële productie naar de lage lonen landen. Begin jaren 80. Daarmee zadelden de werkgevers in de industrie de samenleving als geheel op met het probleem van de gastarbeiders, die in de jaren daarvoor nog als goedkope arbeidskrachten met open armen waren ontvangen.  De opkomst van het neoliberalisme in landen als Amerika en Engeland door een recessie* veroorzaakt door de Vietnam oorlog en de noodzaak om  overschakelen  op andere energiebronnen en financiële dienstverlening in het verenigd koninkrijk .Met als bijkomend voordeel dat daarmee de macht van de vakbonden van vooral de mijnwerkers gebroken werd. Het inzetten op de diensten sector en de kennis economie werden hierdoor speerpunten in het regeringsbeleid. Daarmee ging een belangrijke maatschappelijke kracht als sterke vakbonden gewild of ongewild verloren. Wat zijn invloed had op het gevoel van  het onderling solidair zijn.

Het gebrek van deze tijd is dat het ontbreekt aan sterke goed georganiseerde maatschappelijke tegenkrachten als vakbonden, maar bijvoorbeeld ook breed gedragen protestbewegingen als het interkerkelijk vredesberaad in de jaren 80 om ongewenste ontwikkelingen in bijvoorbeeld de politiek te voorkomen.

Het probleem bij het volks referendum was, dat het teveel een ad hoc gebeuren bleef. Een mogelijkheid voor politieke querulanten om verdeeldheid onder het volk te zaaien. Ik ben dus niet tegen een raadpleging maar die moet gaan om bredere maatschappelijke ontwikkelingen in plaats van over maar een punt( one issue )

De ontwikkelingen in de jaren 80 en 90 in ogen schouw genomen lijkt het er dus op mede door de opkomst van het internet dat deze tegenkrachten doelbewust uit elkaar zijn gespeeld.

De politiek is verworden tot een disruptief scheppen van op emoties gebaseerde tegenverhalen,* die het leven van elke dag net dragelijk moeten maken. Maar het ontbreekt de machthebbers aan een visie voor de langere termijn en daar gaat het uiteindelijk  om. Gisteren hebben we al overleefd en vandaag zal het ook wel lukken!

Tegenwoordig wordt er van je verwacht dat je leert van de wieg tot het graf om bij de eisen van de tijd te blijven. Maar wat moet je dan bijleren om bij de tijd te blijven?

Dat wordt bepaald door de eisen van de economie. Of wat je geleerd hebt ook kunt omzetten in productiviteit.Ligt vooral aan jezelf. De facto is daarmee de verantwoordelijkheid die de maatschappij voor haar leden heeft bij het ongeorganiseerde individu komen te liggen.  De rest de inproductieve sector is eigenlijk net zo nutteloos, als kunst theater en de Alpha wetenschappen. Ik hoor het dhr. Brinkman de kroonprins van het C.D.A. in de jaren 90 nog zeggen. Kunstenaar hebben alleen bestaansrecht als ze markt conform kunnen denken en werken. Met dit liberale denkbeeld werd de kapitalisering van de vrije tijd en de zorg van de grond getild . De besteding van de vrije tijd en de invulling van de maatschappelijke zorg is alleen nuttig als zij bijdraagt aan de verhoging of verbetering van de productiviteit. Het bruto nationaal product werd daarmee gelijkgesteld aan het begrip welzijn. Wat daarmee zo een beetje de betekenis kreeg van welwillendheid van de kant van de werknemers wel te verstaan.

Daarmee is de vrijheid ingeperkt tot de vraag hoe nuttig zij is. Hoe nuttig wij zijn. Wat een ergerlijke vorm van arrogantie is, omdat daarmee het begrip nuttig wordt gegijzeld door het gegeven productiviteit. Het probleem van deze tijd is niet zozeer dat er te weinig vrijheid is. Er is individuele vrijheid genoeg. Zelfs zoveel dat de verschillende vrijheden elkaar tegenwerken en tegenspreken. Maar niemand schijnt meer te weten waar hij/zij met al zijn vrijheden heen moet. Daarmee is de vrijheid van ideaal verworden tot de ketenen van de samenleving om het maar dramatisch te zeggen . Een speelbal van politieke belangen. Terwijl wat de meeste mensen vergeten is dat vrijheid zich het beste openbaart in een manier van werken. Dat de grootste vrijheid is jezelf belangeloos op te offeren om het lot van anderen te verbeteren.

Nu ben ik nog net snugger genoeg om niet te pleiten voor een terugkeer naar de tijd van 30 jaar geleden. De tijd kan niet worden stilgezet nog terug gedraaid. Ontwikkelingen uit het verleden dragen nog steeds bij aan het heden. Wij waren andere mensen geweest als de tweede oorlog of de crisis uit de jaren 30 nooit hadden plaatsgevonden. Dit alles laat onuitwisbare sporen na. Wat wij wel zouden moeten doen is lering trekken uit de geschiedenis door een bredere visie op de wereld van morgen te ontwikkelen. In plaats van ieder in zijn eigen schulp weg te kruipen in de angstige vraag of de rentestand morgen niet stijgen zal. Die zal stijgen, dat kan ik u wel vertellen, maar of hij daarmee de stijging van de zeespiegel zal kunnen bijhouden!

Tegenverhalen, verhalen, die niet de kern van de zaak raken, maar er steeds om heen draaien

recessie wordt hier verstaan als een breed maatschappelijk wantrouwen op basis van teleurstelling en een gevoel van angst, dat overal in doorsijpelt.