GEDICHT VAN DE AMERIKAANSE DICHTERES; AMANDA GORMAN; EEN OPENBARING

de Engelse tekst is ontleent aan een publicatie van Welingelichte kringen

 

Amanda Gorman

Het gedicht van de dichteres Amanda Gorman; voorgedragen tijdens de inauguratie van de nieuwe president van Amerika: Joe Bidden op 20-01-2021 kwam op mij over als een openbaring. Dit zeker na een van de zwartste periodes in de moderne Amerikaanse geschiedenis; het bewind van de blaaskaak en pathologische leugenaar Donald Trump, klonk in dit gedicht weer een vernieuwd teken van  hoop en bevrijding door. In de woorden van deze geestelijke dochter van zowel voormalig president Barack Obama als  dominee dr. Martin Luther King. Een land dat ondanks alles , al de deplorabele gevallen, zijn proud boys met hun vermeende white supremacy, de foute achterneven van de ku klux klan.  Al zijn christelijke  oath keepers, Qanon adepten, virus ontkenners Jodenhaters racisten en meer van dat ondemocratisch tuig toch ook  dergelijke formidabele leiders kan voortbrengen kan en mag niet verloren gaan. Zij zijn het die mede de vonk van de wereldbeschaving in het licht van hun eigen geschiedenis levend houden. Daarom heb ik gemeend zowel de Engelse tekst van haar(Amanda Gorman)  integraal te moeten overnemen als een vrij vrije vertaling van eigen hand daarvan te moeten  leveren.

 

 

When day comes, we ask ourselves where can we find light in this never-ending shade?

The loss we carry, a sea we must wade.

We’ve braved the belly of the beast.

We’ve learned that quiet isn’t always peace,

and the norms and notions of what “just” is isn’t always justice.

And yet, the dawn is ours before we knew it.

Somehow we do it.

Somehow we’ve weathered and witnessed a nation that isn’t broken,

but simply unfinished.

We, the successors of a country and a time where a skinny Black girl descended from slaves and raised by a single mother can dream of becoming president, only to find herself reciting for one.

And yes, we are far from polished, far from pristine,

but that doesn’t mean we are striving to form a union that is perfect.

We are striving to forge our union with purpose.

To compose a country committed to all cultures, colors, characters, and conditions of man.

And so we lift our gazes not to what stands between us, but what stands before us.

We close the divide because we know, to put our future first, we must first put our differences aside.

We lay down our arms so we can reach out our arms to one another.

We seek harm to none and harmony for all.

Let the globe, if nothing else, say this is true:

That even as we grieved, we grew.

That even as we hurt, we hoped.

That even as we tired, we tried.

That we’ll forever be tied together, victorious.

Not because we will never again know defeat, but because we will never again sow division.

Scripture tells us to envision that everyone shall sit under their own vine and fig tree and no one shall make them afraid.

If we’re to live up to our own time, then victory won’t lie in the blade, but in all the bridges we’ve made.

That is the promise to glade, the hill we climb, if only we dare.

It’s because being American is more than a pride we inherit.

It’s the past we step into and how we repair it.

We’ve seen a force that would shatter our nation rather than share it.

Would destroy our country if it meant delaying democracy.

This effort very nearly succeeded.

But while democracy can be periodically delayed,

it can never be permanently defeated.

In this truth, in this faith, we trust,

for while we have our eyes on the future, history has its eyes on us.

This is the era of just redemption.

We feared it at its inception.

We did not feel prepared to be the heirs of such a terrifying hour,

but within it, we found the power to author a new chapter, to offer hope and laughter to ourselves.

So while once we asked, ‘How could we possibly prevail over catastrophe?’ now we assert, ‘How could catastrophe possibly prevail over us?

We will not march back to what was, but move to what shall be:

A country that is bruised but whole, benevolent but bold, fierce and free.

We will not be turned around or interrupted by intimidation because we know our inaction and inertia will be the inheritance of the next generation.

Our blunders become their burdens.

But one thing is certain:

If we merge mercy with might, and might with right, then love becomes our legacy and change, our children’s birthright.

So let us leave behind a country better than the one we were left.

With every breath from my bronze-pounded chest, we will raise this wounded world into a wondrous one.

We will rise from the golden hills of the west.

We will rise from the wind-swept north-east where our forefathers first realized revolution.

We will rise from the lake-rimmed cities of the midwestern states.

We will rise from the sun-baked south.

We will rebuild, reconcile, and recover.

In every known nook of our nation, in every corner called our country,

our people, diverse and beautiful, will emerge, battered and beautiful.

When day comes, we step out of the shade, aflame and unafraid.

The new dawn blooms as we free it.

For there is always light,

if only we’re brave enough to see it.

If only we’re brave enough to be it.

Gedicht Amanda Gorman; 20- 01 – 2021

Vrij vertaald;

Voor dat deze dag aanbrak vroegen we ons af waar licht te vinden was in  deze schier  eindeloze duisternis?

Alle verliezen die wij meedroegen, een rode zee die we moesten doorwaden.

We hebben de onderbuik van het beest getrotseerd.

We hebben geleerd dat rust niet altijd vrede brengt,

en de normen en ideeën van wat ” juist ” is, niet altijd rechtvaardig zijn.

En toch brak voor ons de dageraad aan eer we het beseften.

Op een of andere manier is het aan ons gebeurd.

Op ongekende wijze hebben we geleefd onder een banvloek , toch zijn we getuigen geweest van een natie die niet gebroken is,

maar simpelweg in de steigers is blijven staan .

Wij, de erfgenamen van een land en een tijd waarin een mager zwart meisje dat afstamt van slaven en opgevoed door een alleenstaande moeder, ervan kan dromen om president te worden, om vervolgens voor een van hen te mogen voordragen.

En ja, we zijn verre van klaar, verre van schuldeloos,

maar dat betekent niet dat we niet streven naar een perfect samenlevingsverband.

streven naar een doelgerichte verbintenis.

Om te komen tot een natie dat zich inzet voor alle culturen, kleuren, karakters en leefomstandigheden van elk mens binnen haar grenzen.

En dus richten we onze blik niet naar wat er tussen ons instaat, maar naar wat er voor ons staat.

We dichten de kloof omdat we beseffen dat we voor een echte toekomst eerst onze verschillen opzij moeten zetten.

We ballen niet langer onze vuisten, leggen de wapens neer, opdat we elkaar de hand kunnen reiken.

We zoeken niet langer schade toe te brengen aan niemand en in harmonie te leven met iedereen.

Laat heel de aarde zeggen dat dit als enige van waarde de waarheid is:

Dat zelfs als we rouwen, we groeien in dit leed .

Dat zelfs als we pijn deden of voelden, de hoop niet verloren ging .

Dat zelfs als we moe waren, we bleven proberen, vol hielden

Dat we voor altijd verbonden zullen zijn, zegevierend.

Niet omdat we nooit meer een nederlaag zullen lijden, maar omdat we nooit meer zullen toestaan dat men verdeeldheid zaait

De Schrift zegt ons dat we ons moeten voorstellen dat iedereen onder zijn eigen wijnstok en vijgenboom zal zitten en dat niemand angst zal kennen

Als we dit in onze eigen tijd willen waarmaken, dan zal de overwinning niet in wat geschreven staat liggen, maar in alle bruggen die we samen hebben gebouwd.

Dat is de belofte ons gedaan , de bergtop die we bereiken als we maar durven.

Het is omdat Amerikaan zijn meer is dan een trots die we erven.

Het is het verleden dat wij meedragen en hoe wij er mee omgaan

We hebben een kracht gezien die onze natie leek te splijten in plaats van te verenigen

Die ons land had vernietigd als we de democratie en zijn waarden zouden hebben moeten opschorten.

Deze poging is bijna gelukt.

Maar terwijl het lijkt alsof de democratie mnet enige regelmaat buiten werking kan worden gesteld, haar waarde ontkend

kan de democratie nooit definitief worden verslagen.

Op deze waarheid, dit geloof, bouwen wij onze hoop,

want terwijl wij onze ogen op de toekomst richten , weten wij in de geschiedenis alle ogen gerichtzijn op ons

Dit is het tijdperk van de rechtvaardige bevrijding.

We vreesden wat voorafging al vanaf het eerste begin.

We voelden ons niet bereid om de erfgenamen te zijn van zo’n angstaanjagend uur,

maar binnenin vonden we de kracht om een nieuw hoofdstuk te schrijven, om hoop te koesteren voor onszelf en de lach levend te houden.

Dus terwijl we ons eens afvroegen: “Hoe zouden we in godsnaam kunnen zegevieren over een catastrofe?” beweren we nu: “Hoe zou een catastrofe in godsnaam kunnen zegevieren over ons?

We zullen niet teruggaan naar wat was, maar vooruitkijken naar wat zal zijn:: “We zullen niet teruggaan naar wat was, maar vooruitgaan naar wat zal komen”:

Een land dat zijn wonden telt is ook bezig te helen, welwillend maar vrijmoedig en vrij.

We zullen ons niet langer doof houden noch zwichten voor intimidatie omdat we weten dat het deze passiviteit en inertie is die zal worden overgedragen aan de generatie na ons .

Onze misstappen en fouten  worden hun tot last.

Maar één ding is zeker:

Als we barmhartigheid met macht en macht met recht samenvoegen, dan wordt liefde onze erfenis en verrijkt dit het geboorterecht van onze kinderen.

Laten we dus een land achterlaten dat beter is dan het land dat we aantroffen.

Met elke ademhaling uit mijn bronzen borstkas zullen we deze gewonde wereld tot een wonderbaarlijke wereld omsmeden.

We zullen opstaan in de gouden heuvels van het westen.

We zullen opstaan in het door de wind geteisterde noordoosten waar onze voorvaderen voor het eerst een revolutie veroorzaakten.

We zullen opstaan in de aan de grote meren grenzende steden van de midwestelijke staten.

We zullen opstaan in het zonovergoten zuiden.

We zullen herbouwen, ons verzoenen en herstellen.

In elke stad en dorp van onze natie, in elke uithoek van ons land,

onze mensen, divers en mooi, zullen tevoorschijn komen, mooi in alles hoe gehavend zij nu ook ogen.

Als die dag komt, stappen we uit de schaduw, ontvlammen wij en is de angst verdwenen.

De nieuwe dageraad bloeit als we hem bevrijden.

Want er is altijd licht,

als we maar dapper genoeg zijn om het te zien.

Als we maar dapper genoeg zijn om het te zijn.

Vertaling Ludo 22-01-20201