I CAN”T BREATHE

De nu al beroemde laatste woorden van de door bruut politiegeweld omgekomen Afro Amerikaan George Floyd. Ik wil niet ethisch profileren, maar de omstandigheden dwingen mij daar toe. Noch zal ik hem omschrijven met het woord arrestant zo als in de overige nieuwsmedia, want ook daar mee wijs ik al in de richting van een deels medeschuldig zijn aan zijn eigen dood. Overdreven geweld van de kant van de politie bij aanhouding schuldig of niet  van ‘zwarten’ is in Amerika schering en inslag en ook het blauw op straat in Nederland ontkomt er niet altijd aan. Denk aan de wurgdood van Wensley Udernhout in de zomer van 2013.

Discriminatie leeft bij de gratie van vooroordelen , generalisaties en stereotypen. Zaken die onlosmakend met de geschiedenis verweven lijken. Dat is ook één van de grootste manco’s van de nationalistische  geschiedschrijving. Dat zij als het ware zichzelf vervalst doordat zij voorbij gaand aan deze  gegevens haar eigen falsifieerbaarheid weigert onder ogen te zien.

Volgens sommige menswetenschappers hebben vooroordelen en stereotypen  juist nut. Is het een eeuwen oude manier van versneld denken om als  bij intuïtie juist te kunnen beslissen in momenten van extreem gevaar. Maar we leven niet meer in de oertijd . Het neolithicum dat iedereen elke vreemde elke ander die niet tot de eigen groep behoorde een potentieel gevaar en vijand was. Daarmee is discriminatie wezenlijk een atavisme geworden. Een atavisme dat volkomen uit de tijd maar niet wil atrofiëren, omdat het nog steeds door de meerderheid den Haaglijk gekoesterd wordt.

Ook ik maak mij er regelmatig schuldig aan. Daar ben ik mij van bewust .Tegen beter weten in. Als ik bijvoorbeeld een Somalische moeder zie lopen met 4 koters en zwanger van de vijfde denk ook ik : Kijk daar loopt weer zo een gevluchte profiteur. In plaats van dat ik denk daar gaan 5 toekomstige werkers in de gezondheidszorg. In de buurt van hang Marokkanen controleer ik twee keer of ik mijn fiets wel op slot heb gezet. Kleine dingen waarna ik mij na afloop schuldig voel over mijn vooroordelen.

Toch is het wel zo makkelijk om te discrimineren en ik besef ook wel waarom. Het is altijd makkelijker de ander tot slachtoffer te bestempelen van zijn eigen gevoel van aan zichzelf toegedichte “minderwaardigheid.” Hem een lager plaats in de pikorde toe te bedelen. Daarmee mijzelf automatisch  boven hem te plaatsen. Hem zijn eigen onmacht daar aan iets te veranderen voor de voeten te werpen. Zonder rekening te houden met de overige omstandigheden. Als bijvoorbeeld diep gewortelde structurele armoede.  Daarmee wordt het probleem en de oplossing op zijn eigen bord gelegd. Want niet ik discrimineer, maar de ander voelt zich gediscrimineerd. Daar moet hijzelf wat aandoen. Naar goed neo-liberaal gebruik. Want je om alleen om je huidskleur achtergesteld voelen is één voor mij als blanke niet te rechte en daarmee overdreven emotie. Ook je niet altijd even prettige persoonlijkheid kan net als bij mij een rol van betekenis  spelen niet waar! En over verdere gevoelens, persoonlijke eigenaardigheden en of onderliggende patronen kan men tot Sint Juttemis blijven door delibereren , maar het blijft zijn gevoel tegen mijn heilige overtuiging dat ik ,zeker als lid van het blanke hoofd ras, niets fout heb gedaan. Omdat de door mij geaccepteerde geschiedenis traditioneel  leert dat blanke vertegenwoordigers van de vrijheid en de democratie   geen fouten kunnen maken. Het is die eeuwige , niet te doorbreken vicieuze cirkel die mij als goedwillend mens de adem beneemt.

Ludo