Mijn eerste poging om gelijk Dostojevski te worden

Met zijn waterige wat bolle ogen keek dokter Frohn mij over zijn halve brilletje aan. Wat voelde je toen het gebeurde? Het eerste antwoord dat mij voor de mond kwam was; niks natuurlijk. Niets, een zeker ongeloof lag in zijn trage wat krakende stem besloten. Weet je het zeker? Denk nog eens goed na. Me een beetje schuldig voelend ging ik op zoek naar het gewenste antwoord. Ik zat hier toch niet voor niets. En dokter Frohn een hoog gewaardeerd neurobioloog al zeker niet. Zijn honorarium per uur was al velen malen meer dan mijn zakgeld voor een jaar. Dat kon ik al wel opmaken uit de inrichting van zijn spreekkamer op de Singel 512 in Amsterdam. Nog net binnen de zuur verdienende grachtengordel . Gestoffeerd met een overdaad aan rustiek ogend eiken en teak , met dure echte schilderijen en tekeningen aan de muur. En hoe kan het ook anders voor de erudiet, velen rijen in groen en rood leer gebonden boeken. Kloeke Folianten met de uitstraling van Mozes zijn Wetboeken. Om het de eenvoudige patiënt intimiderend duidelijk te maken: Het ging hier niet om zomaar kattenpis. Het ging om de indrukwekkende waarheid, dat de mens Frohn naast een eminent medicus en geleerde ook een man van goede en verfijnde smaak en dito ontwikkeling was. De inrichting deed me bij binnenkomst altijd weer denken aan die van een luxe lijnschip als de Rotterdam in zijn tijd. Met dhr. dr. Frohn als een bijna uitgestorven soort Freudiaan, als een zeldzame opgezette amfibiesoort aan het stuur. Schipper naast God in Hollands welvaren onder uit gezakt in het fluwelen rood van zijn eigen luie stoel. Dat dit fauteuil wel wat schril afstak tegen het stoeltje van van Gogh waarop ik als patiënt zat, benadrukte des te schrijnender het verschil in stand en positie. Het hemelsbrede verschil tussen de lijdende mens en de superieure homo filosofico. Hier kon hij vol wijsheid helpen van uit zijn ivoren toren neerziend op mijn aardse tranendal. Hij was er in zijn verwatenheid overigens niet helemaal van bewust dat hij daar door ook de indruk wekte een paljas te zijn . Een kwibus. Iemand, die je alleen maar serieus nam omdat het moest. Hij was niet voor niets een huisvriend van de conrector van mijn middelbare school. Ik kon het niet hard maken , maar gezien de overeenkomst in denken en reageren was Pater Brugmans bijna zeker zijn biechtvader. Pater Brugman, die vond , dat ik als kind toch wat merkwaardig reageerde op mijn eigen ontdekking over mijn biologische afstamming. Het met wetenschappelijke nauwkeurigheid onderzoeken van de vraag over het vaderschap van wat plots bleek mijn stiefvader te zijn. Die toen ik hem mijn vermoedens vertelde reageerde met : Inderdaad je cijfers voor Frans, het vak dat hij doceerde, zijn niet om naar huis over te schrijven. Je handschrift is wel wat onleesbaar. Terwijl ik hem net daar voren nog had uitgelegd, dat ik nachtenlang op straat zwierf, bang om naar huis te gaan. Bang voor het pak slaag, dat mij daar zeker wachtte. Dat ik mijn huiswerk soms moest maken in het licht van de tl. In de telefooncel op het van Helstplein. Steeds onderbroken door mensen die hun moeder moesten bellen! Dat mijn handschrift had te lijden onder de stapel oude gescheurde telefoonboeken die als secretaire dienden voor mijn multo cahier. Deze Pater Brugman had als vriendendienst mij ondergebracht bij deze traag bewegende in het grijs geklede bolle Pad.

Deze Pater van het Heilig hart van Maastricht had inderdaad wel een hartprobleem. Een heel klein hartje waarin vrijwel geen plaats was voor liefde voor de naasten. Hij is inderdaad wat ik later hoorde door de Heer verlost van dit probleem door middel van een hartstilstand. Een mens wil soms echt geloven in de rechtvaardigheid van de Heer. Maar terug naar doctor Frohn mijn behandeld geneesheer, die inderdaad in zijn hartproblemen leek op zijn boezemvriend. Als patiënt kon ik me soms niet aan het denkbeeld onttrekken dat deze achterneven van kale kikkers en groenig slijmerige watersalamanders hun frustratie over hun eigen geestelijke naaktheid botvierden over de hoofden van ons arme patiënten en leerlingen. Dat hing bijna als motto boven de toegang tot het klaslokaal of de behandelkamer. Als ik kaal ben dan zal ik jou net zolang plukken dat jij op mij lijkt of net zo kaal bent.. Hijzelf zag dat natuurlijk als aanpassen aan een normaal normbesef .Hoe bombastischer het taalgebruik hoe hoger het gehalte aan charlatanerie, kun je ook zeggen.

Terwijl ik dus poogde een antwoord te vinden op deze indringende vraag. De vraag , die door zijn antwoord een oorverscheurende opening moest maken in mijn ziel. Een antwoord, dat als een geforceerde toegang tot het nieuwe licht van inzicht, het behandelingsproces in gang zou zetten . Het antwoord dat de hele werkelijk van mijn jeugd zou samenvatten in het Woord : Waarom? Zo bezig mijn oude ik te verscheuren gleden mijn ogen naar de schreeuwende zeemeeuwen buiten. Die vrije embryo’s van engelen vlogen door hem onvermoed zichtbaar door het raam achter zijn hoofd. Ze leken al krijsend op zijn gedachten die zich als een versnipperd aureool probeerden los te maken van zijn hoofd. Zouden meeuwen ook psychische problemen hebben . Als een vorm van autisme kan ik in meerdere dimensies denken. Zou er dan een ouderling meeuw zijn , die tegen de jonkies met vliegangst zou zeggen: Laat alles los laat alles gaan en vlieg op je bevrijde vleugels naar de Hemel. Maar wees vooral niet bang voor kikkers en padden. Dat zijn maar zijn amfibieën. De laagste schepselen Gods, die wezens net boven de vissen dorsten altijd naar kennis. Die kunnen niet zonder het water. Die moeten hun dorst lessen aan de zielenroerselen van hun naasten als parasieten of vampiers.. Die zijn voor hun eigen zaligheid afhankelijk van het parasiteren op de moeilijkheden van gewone mensen. In mijn gedachten werd het een soort Boeddha meeuw. Door te kijken naar hun vlucht kon je al verlost raken van alle onnozele vragen. Van deze home-made zielenknijper.

Heb je al een antwoord vroeg hij een blik werpend op zijn horloge. Ik zou het niet meer weten dokter. Ik twijfel, het is ook zo moeilijk me dat weer in herinnering te brengen. Als een kat om de hete brij bleef ik vrolijk rondjes draaien. Ik hield wel van de sfeer van scheepskajuiten. Als je zo jong bent als ik zo weinig jaren telt dan heb je een andere tijdsbeleving. Dan is een week geleden al een hele eeuwigheid. Weet je echt niet meer of speel je weer een rol? Een rol, dan moet ik toch eerst weten wie ik ben! Als je geholpen wilt worden , moet je dat op de eerste plaats wel zelf willen en op de tweede plaats moet je er ook moeite voor willen doen. Zijn bestraffende toespraakje drong mij bijna in de verdediging. Ik zat hier Godmondeju toch niet uit eigen vrije wil. Ik zat hier omdat ik hier heen was gestuurd door die verrekte Pater Brugmans en mijn liefdeloze moeder. Dat als ik niet ging ook geen eten kreeg. Mijn moeder was een keer mee geweest. Mijn stiefvader vertikte dat eenvoudig weg. Ik ga niet naar die Gekkendokter toe schreeuwde hij door het huis. Ik ben toch niet gek. Maar als je niet gek bent , hoef je toch ook nergens bang voor te zijn , probeerde mijn moeder hem nog te overreden. Van mijn leven niet , zei hij, wat moeten ze op mijn werk wel niet denken Wat zeg ik tegen mijn baas Riep hij van boven van de trap bij ons vertrek. Maar bij de Marine , waar hij werkte, hoef je toch helemaal niet te kunnen denken wilde ik hem na na schreeuwen. Van mijn moeder moest ik wijselijk mijn grote mond houden.. Mijn stiefvader is dus zijn hele leven verder ongestoord gek gebleven. Ook een oplossing, verdringing door de onmacht tot de herkenning beter bekend als stommiteit. Ja ik wil echt wel zei ik wat moet ik anders? Echt ik doe reuze mijn best. Laten we maar even een sanitaire stop houden zij hij, zich uit zijn rode fauteuil hijsend. Iets wat met het nodige getril van kwabben en kreunen gepaard ging. Even de jonge heer uitlaten, die heeft ook behoefte an Liebensraum Ik verwacht wel een antwoord van je als ik terug ben. Afgesproken! Ik knikte of ik met mijn mond vol brood stond. Tijdens zijn afwezigheid ging ik om ook wat te doen te hebben de aanwezige kunst aan een nadere inspectie onderwerpen. Naast een Italiaans ogend landschap, geschilderd in de Napels gele kleuren waarvan het gebruik in de 18 eeuw zo populair was onder Romanisten. Hing een stilleven met een momento mori voorstelling. Een allegorische afbeelding, die ons de tijdelijkheid van dit leven in herinnering moet brengen. Naast nog wat schilderijen hing op de wand tussen de twee ramen van zijn spreekkamer , dit Franse boudoir van gebrek aan zelfkennis, een onooglijk klein etsje van de hand van ik weet niet wie. Ingelijst in een veel te groot passe passe-partout om nog enigszins gewichtig en groot te lijken. Het pendant van zijn baas. Ja dat is echt een belangrijk werk , dat je daar in ogen schouw neemt. De baas van de kunstkennel met allemaal bij elkaar geraapte straathonden was toegekeerd. Ja een echte handgemaakte ets uit de 17 eeuw. De glorietijd van de Vaderlandse kunst. De Janson napraten is anders geen kunst , dacht ik vilein, maar ik hield mijn mond. Wist de goochemerd dan niet dat van een etsplaat verstaald wel 5000 afdrukken te halen zijn . Ja hij is best mooi, fleemde ik huichelachtig. Volgens je moeder weet je wel wat van kunst! Nu had ik inderdaad een museum jaarkaart om lekker veel van huis en toch warm te kunnen zijn . Ik kom wel eens in het Rijks zei ik quasi nonchalant. Ik houd van de collectie laat Middeleeuwse Mariabeelden. Met hun bovenaardse glimlach. Ik fantaseer dan dat mijn moeder er ook zo hemels uit zou zien Maar wat niet is kan nog komen . Is het nu dan is het later. Sommige mensen hebben nu eenmaal een eeuwigheid nodig om heilig te worden. Ik maakte mijn neuroloog maar geen deelgenoot van deze gedachtegang. Voordat je er erg in hebt ben je behept met een Oedipuscomplex. Weet je wat zij hij we maken er een weddenschap van. Een weddenschap , waarom dan? Ik wilde niet aannemen dat hij het lilliputter kunstwerk tot inzet van deze onnodige strijd zou maken. Als jij mij de maker kan vertellen , mag je daarna meteen naar huis. Nu was dat aanbod wel het overwegen waard. Hoe raar het ook klinkt . Ik voelde mij nooit echt veilig bij dokter Frohn. Het was iets achterbaks een soort gevoel in de onderhuid van : Ik ben veel meer waard dan jij. Dat hij op een geniepige en slinkse wijze zonder dat je er de vinger op kon leggen in alles wat hij zei liet doorschemeren. Aan het eind van de meeste sessies gaf hij mij als therapie van de week het advies mee. Dat ik indachtig mijn eigen schuld lief moest zijn voor mijn ouders. Dat ik normaal moest proberen te doen en mij als een goede zoon had te gedragen. Het scheelde er nog maar aan dat hij niet zei, dat ik ook nog veel moest bidden en om vergeving smeken. Vergeving voor de zonde zo te zijn als dat ik toen was. Het kwam er eigenlijk op neer dat het allemaal mijn schuld was. Dat als ik het mij minder aantrok en mij normaal zou gedragen het wel mee zou vallen. Deze Fjodor Dostojevski van de schuld en boete neuroten in ruste had beter biechtvader of pater kunnen worden in de mate waarin hij zich vereenzelvigde met zijn vaderlijke vriend Brugmans . Later is het mij duidelijk geworden. Dus als ik het weet dan mag ik naar huis en wat als ik het niet weet? Je moet op jezelf vertrouwen met daar hebben we het nog wel over. Dat is nu niet belangrijk. Hij begon sterke overeenkomsten te vertonen met een zich verkneukelend kind, die wist waar moeder de koeken had verstopt. Een wijnkenner, die zich kan verheugen over de onwetendheid van zijn gasten, omdat hij als enige het etiket gelezen heeft. Nou wat zeg je ervan. Ik dacht ik ga maar mee in deze test. Laat ik de “goede”man een plezier doen. Met iets meer aandacht dan daarnet bestudeerde ik het tafereel. Het was een scene in een gelagkamer. Iets boertig met drank en blote deernen of mannen en veel platte lol. Het formaat van het werk was niet veel groter dan vierpostzegels in het vierkant dus erg veel viel er niet op te ontdekken. Met het vanitas motief van het schilderij in mijn achterhoofd zei ik : Jan Steen! Volkomen verkeerd. Nee, o ik dacht omdat. Nog een keer en nou goed graag. Karel du Jardin , deed ik een wilde gok geïnspireerd door de straat waar ik woonde. Je bent niet zo goed als jezelf wel denkt hè. Hij begon steeds meer weg te hebben van een sadistische kleuter, die een vlinder de vleugels uittrekt. Bijna kraaiend van de pret zei hij nog één keer anders ben jij voor mij een oelewapper! Rembrand dan riep ik in het wilde weg. Nee, het woord stommerd kon hij nog net inslikken, maar ik zag aan het bewegen van zijn lippen dat hij dat wilde zeggen. Het is een echte Gerard Douw, een leerling van Rembrand. Lekker belangrijk, dacht ik kwaad. Langzaam rees mij het rood van de woede weer naar de kaken door de geestelijke mishandeling door dit nodeloos kleineren wist ik het weer. Dokter, ik weet eindelijk het antwoord op uw vraag, het trillen van mijn handen onderdrukkend. Wat ik voelde na de eerste klap, Wat ik toen voelde laat zich het best omschrijven met? Een immense haat! Een sidderde woede, zei ik , in het vuur van mijn verontwaardiging Een bovenaardse boosheid. De neiging om iedereen te vermoorden en van kant te maken. Dat is toch wat U wilde weten!.

Een alles durvende boosheid om de vernedering. Als het wassende water van de Nijl kwamen allerlei gevoelens bovendrijven. Maar de boventoon bleef een alles hatende boosheid. En alles willen vernietigen en kapot slaan wat mij pijn had gedaan. De wraak des Heeren in jongensformaat.

Met een harde klap sloeg ik de deur achter mij dicht.

Niet veel later werden de sessies beëindigd. De secretaresse van doctor Frohn belde op , dat een mede patiënt hem ernstig verwond had , omdat deze zich al te zeer bedreigd had gevoeld. Ik kon mij daar heel goed iets bij voorstellen. Zelf ging ik ook met het schilmes van moeder op zak naar zijn therapie.

In de Telegraaf las ik dat hij de dokter had neergestoken, omdat deze zijn eigen kastdeur had opengehouden om hem te dwingen uit de kast te komen. Ja ik heb het altijd al geweten . Je kunt geen zondaar met zondaars genezen. Dus na de eerste klap , wat voelde je toen. Was je geschokt? Een sidderde woede, zei ik ,plotseling. Een bovenaardse boosheid. Een alles durvende boosheid om de vernedering. Als het wassende water van de Nijl kwamen allerlei gevoelens bovendrijven. Maar de boventoon bleef een alles hatende boosheid. Een gevoel alles te willen vernietigen en kapot te slaan wat mij zoveel pijn had gedaan. De wraak des Heeren in jongensformaat. De dodelijke haat in korte broek. Maar ik zal groot en sterk worden. Dat beschrijft in zakformaat voor een minimaal deel wat kinderen voelen die geslagen worden.

Nou besef ik wel dat de weg naar zelfkennis door zijn duisternis bedreigend kan zijn. Het is soms echt de worsteling van Jacob met de engel. Maar dan zijn er toch twee manieren om deze worsteling te boven te komen. De prettigste is om door zacht aan de hand te worden meegevoerd door de tuin die je bent als een ander je helpt het licht aan te doen. Je kunt ook tot zelfkennis geraken door op niet mis verstane wijze geconfronteerd te worden met de neurosen en complexen van de zogenaamde hulpverlener. Je leert je dan vooral heel goed verdedigen en je aan je behandeling te onttrekken. Ik zal het niet ontkennen . Gek zijn is altijd de schuld van de patiënt, dat schept ruimte voor behandeling.

Nou ik hier toch een tirade houdt tegen hulpverlening in de jaren zestig van de vorige eeuw moet mij nog iets van het hart. Je hoort nog wel eens vandaag de dag over een hulpverlener/ster die het aanlegt met een patiënt. Met als gevolg een seksuele relatie. Alle anderen zijn wegens gebrek aan bewijs wel toegestaan. Veelal wordt dit veroordeelt op grond van een ongelijke machtsverdeling. De patiënt of de hulpverlener zou oneigenlijke druk uitoefenen of onder druk zijn gezet. Je hoort echter nooit wat over de liefde , die wordt bij voorbaat ontkent, terwijl die toch heel goed mogelijk is. Een mens is namelijk maar voor een deel van zijn persoonlijkheid patiënt. Neem mij nou. Ik ken een nog veel fnuikender vorm van machtsuitoefening, waar nooit iemand iets over zegt. Het kleineren en testen van patiënten om op ze op hun plaats te wijzen en te houden onder de knoet..