WIJ !

Klaagzang voor mijn grote liefde

alleen een hart dat verdwijnt in woorden kan de eenzame bekoren

 

 

Het waren voor wat wij leken

onze gouden eeuwen samen

waarin wij de tijd ontketende

als slaven van de liefde hecht verbonden

door gevleugelde woorden

vrij dartelden langs  gedeelde levenspaden

 

de tijd waarin wij als engelen

nog zo alle Jezus hoog vlogen

dat  wij enkel met het hooglied

van onze overmoed  op de lippen

 het noodlot tartte door

de barricades van hemel en hel

tussen ons te bestormen en te slechten

 

wij de dagen teder aan gruzelementen braken

en fladderend als bij -een van Godswege

kilometers aan botergeil verlangen vraten

of het mensgeworden kiloknallers waren

wij vol tederheid alle tijd namen

om ons in alles van waarde te baden

zonder volkomen weerloos maar één fout te maken

omdat de zwarte kralen van al onze nachten

nog te bidden rozenkransen waren

 

die onvergetelijke verleden tijd

waarmee wij tomeloos de liefde bedreven

omdat het besef niet wilde rijpen

dat wij en de nacht daarvoor

nog veel te jong waren

en nu   de tijd van heden

dat wij alleen nog weten

zonder een woord van uitleg

en vergeven gewoon zijn vergeten

dat wij in de wei van ons verlangen

toch niet de ware lammeren waren

=

 

de gouden eeuwen samen in wat wij leken

ons tot niet meer dan goedgelovige leugens

voor de christenslaven van de toekomst maakten

Ludo 14-09-2020