ZIEK VAN ANGST

Nee ik ben niet ziek al hoor je niets van mij. Ik schrijf weinig, omdat ik verder druk bezig ben met andere dingen. Mijzelf onder controle te krijgen bijvoorbeeld. Natuurlijk zou ik meer moeten schrijven, omdat de mensen nu weinig anders te doen hebben dan hun hand te lezen of hun dagboek bij te houden. Toch leef ik net als de rest teruggetrokken in mijzelf . Ben nog meer dan anders alleen op mij zelf aangewezen . Bij mijzelf betrokken .Verplaats mij ongemerkt en geruisloos als mijn eigen schaduw in het schaarse flakkerende licht. Zonder beweging als een klok zonder secondewijzer lijkt het. Een schim door uitgestorven straten. Waarin de winderige stilte van een kerkhof heerst. Verstrijkt de tijd als lege uren in mij. De dagen  verglijden zonder verleden. Een slak al weken opgesloten in zijn eigen huis .

Nee ik ben niet ziek. Niet meer dan anders En als ik al echt ziek ben is dat hoogstens van deze tijd waar in alles wat een maand geleden nog zo gewoon was nu verdacht is. Waarin elk kucht of hoestje door de omgeving met opgetrokken wenkbrauwen wordt begroet. Elk snuiten van je neus, niezen, jou tot een potentiële moordenaar bestempeld . Je zult maar allergisch zijn. Elk normaal menselijk gedrag als een knuffel of een zoen met argus ogen bekeken wordt . Niemand zoveel vertrouwen inboezemt dat jij voelt dat hij het is die echt weet hoe het er werkelijk mee voorstaat. De drie apen van het horen zien en zwijgend op afstand blijven regeren. Maar!

Gelukkig was ik al nooit zo sociaal. Meer een Einzelgänger. Bouwde contactgestoord het liefste muren om mij heen om mijn kind zijn te beschermen. Wat in deze tijd waarin de kinderen zoveel minder vatbaar lijken nu eens goed van pas komt. Maar toch!

 

De angst voor de ander neemt steeds grotesker vormen aan. Elk individu apart op straat of in de winkel  is verdacht, want iedereen kan een bron van besmetting zijn. Zo wordt iedereen het slachtoffer van elkaar. In een strijd tussen plagiërende papegaaien. Is men schuldig totdat het R.I.V.M de bevolking weer even zondig en gezond als voorheen verklaart! En je kunt er met niemand over praten. Niet met je buren. Niet met je vrienden. Een ander ontbreekt het nooit aan moed! Want juist die ander lijkt even dapper als onze ouders speelden tijdens de laatste dagen van de tweede wereldoorlog. Toen iedereen zonder het van elkaar te weten in het verzet vocht En wie wil er in zijn eentje voor een lafaard versleten worden? Maar toch!

Ik begin bang te worden voor mijzelf. Voor mijn eigen longen. Vertrouw mijn ademhaling stelselmatig niet meer. Durf niet zeggen of mijn lichaam mij niet voor de gek houdt. Mijn angst mij niet in de luren legt.  Speel uren met de vraag ben ik ongemerkt al aan dit virus ten prooi gevallen. Is het amechtig piepen van mijn borstkas, het schrapen van mijn keel daar niet al het onontkoombare voorteken van.

Troost mij met het idee dat het juist deze angst, dit gevoel van onrust, deze onmacht het is die mij medemenselijk maakt . En daardoor extra vatbaar voor alle invloeden , alle berichten van buiten af. Op de been gehouden door het hela hoela gevoel van wij zullen doorgaan tegen beter weten in. Wat als applaus door de lege straten schalt .Al voel ik mij in mijn isolement als een hoefijzerneus vleermuis, omdat ik het er met niemand over durf hebben. Hoe ik mij werkelijk voel. Net als na de oorlog toen het ook 25 jaar duurde voor de eerste angst uit de kast kwam. Maar toch!

 

Het ergste is dat het went. Went  in no time, omdat een mens  defensief tolerant is ingesteld. Het altijd nog een graadje erger kan. Waardoor ik na 3 weken geacclimatiseerd al niet meer weet hoe vrij het klimaat  vroeger was. Maar ondanks dat !

 

 

De eenzaamheid waar ik mij voorheen zo in thuis voelde . Mij vol overgave op stortte als was het mijn zevende element begint nu steeds zwaarder op mij te drukken. Zo wordt elk mens als het er op aan komt door het coronavirus een gevoelszzper. Die de uitkering van zijn verdriet  bij zichzelf moet zoeken. Maar gelukkig!

Het verzet roert zicht. Het zal nu niet meer lang duren. Het zal het autoriteitsconflict wel zijn waarmee elk mens stoeit die wat hij eerst alleen wilde nu afgedwongen moet. Wat hem door de strot  wordt geduwd. De worsteling van de vrije wil om zich aan het gezag van anderen te onderwerpen. Het  verzet dat wij kinderen nog niet te boven zijn , omdat dit een aanslag lijkt op eigen zelfstandigheid. Het van uit een eigen isolement zelfstandig kunnen vooruit en  nadenken en beslissen   . Niemand het daarin  beter kan weten dan ik! En toch wordt dat ik door deze noodmaatregelen teruggebracht naar dat kleine hoopje mens dat ik bij mijn geboorte was. Wacht vol spanning op de wedergeboorte van mijzelf en de maatschappij . Morgen zal het anders zijn . Maar hoe!

Hoe anders en wie gaat daar voor zorgen als wij dat niet zijn!

Ludo